0.4 Juiste bandenspanning

 

 

Stel je motor met de juiste bandenspanning af. Dit varieert van 0,8 bar t/m 1,1 bar. Voor zanderige ondergrond gebruiken 0,8 bar. De band wordt zo breder dus er ontstaat meer grip. Op harde en stenige ondergrond gebruiken we 1,1 bar om lekrijden te voorkomen. Voor- en achterband stel je op dezelfde waarde af.

Natuurlijk is ook de kwaliteit en soort van de banden belangrijk en dan met name de voorband. Deze bepaalt namelijk mede hoe secuur je kan insturen bij bochten.

 

F04

 

 

< terug     volgende >